Annemiek van Vleuten moest zondag genoegen nemen met een tweede plek in de
Ronde van Vlaanderen. De Nederlandse reed samen met Lotte Kopecky en Chantal van den Broek-Blaak naar de meet en voelde toen naar eigen zeggen de bui al hangen: 'Als je met Kopecky naar de lijn rijdt, wordt het moeilijk'.
Voor de microfoon van de
NOS laat Van Vleuten weten onder de indruk te zijn van haar ploeg, Movistar Team. 'We reden echt een super goede koers. Ik was helemaal verbaasd, want we zaten met velen mee. Normaal gesproken zitten we geïsoleerd, dus dat was echt tof. We hadden Arlenis Sierra van voren zitten en er zaten ook nog twee sprintsters achter me.'
Meerdere keren probeerde Van Vleuten haar rivalen te lossen, maar de 39-jarige renster slaagde daar maar niet in. 'De Paterberg was net iets te kort en het was voor mij lastig om het verschil te maken op de korte klimmen. Op de Koppenberg begon ik er wel iets eerder aan. Ik ging niet helemaal all-out, maar probeerde de boel wel een beetje pijn te doen. Voor mij was de koers even niet zwaar genoeg.'
Van Vleuten dacht terug aan 2021-editie
Toch slaagde ze er later alsnog in om weg te geraken, al kreeg ze wel twee sterke troeven van Team SD Worx mee. 'Maar je weet het nooit. Door mijn oortje riepen ze dat ik motivatie moest halen uit mijn prestatie van vorig jaar (Van Vleuten won de Ronde in 2021, red.). Ik wist wel dat ik in hele goeden doen was, maar Kopecky is gewoon heel snel. Als je met haar naar de lijn rijdt, wordt het moeilijk.'