Wieleranalist
Michel Wuyts was onder de indruk van de prestatie van Remco
Evenepoel in de voorbije
Ronde van het Baskenland, daar hij het optreden van
Julian Alaphilippe in de slotrit enigszins hekelde. ‘Het is mijn grote vraag:
Kon de wereldkampioen niet beter? Of wilde hij – met het oog op dat nog komt –
niet beter?’
Evenepoel begon de loodzware slotetappe van de Ronde van het
Baskenland als leider, maar strandde uiteindelijk net achter het podium als vierde.
Volgens Wuyts had hij mogelijk verder kunnen komen als hij meer steun had gehad,
vooral van wereldkampioen Alaphilippe, die toen de koers ontplofte op de zwaarste
klim al snel moest passen. ‘Het is mijn grote vraag: Kon de wereldkampioen niet
beter? Of wilde hij – met het oog op dat nog komt (Ardennenklassiekers, red.) –
niet beter? Moet ik vrezen voor het tweede? Omdat hij zo snel afhaakte. Dan valt
me dat dik tegen’, aldus Wuyts in de
Wuyts & Boonen podcast van
Het Laatste
Nieuws, waarin de afwezige Boonen werd vervangen door
Johan Museeuw.
Naast het rijden van Alaphilippe komt echter ook de
koerswijze van Evenepoel ter sprake. Wuyts stelt dat de Belg wel wat zuiniger
had kunnen koersen. Zo deed Evenepoel tot driemaal toe een energievretende lead-out
voor Alaphilippe, die dat één keer wist te belonen met een zege. ‘Als je de
eindoverwinning wilt halen, dan moet je dat vergeten. Je kunt dat één keer
doen. Maar dan de volgende keer weer aantrekken aan een waanzinnige hoge
snelheid. Hij zet Alaphilppe de derde keer af op honderdvijftig meter van de
finish. Zo win je geen ronde.’
Wuyts: 'Ik vergeleek hem eerder al met Ullrich'
Al met al mag Evenepoel volgens Wuyts tevreden zijn met de
vierde plek in het eindklassement. ‘Uiteraard, hij heeft enorme stappen gezet.
Ik heb ook op zijn tred gelet; vroeger vond ik hem een stamper. Ik vergeleek
hem eerder al met Ullrich (Jan, red.). Dat is nu weg. Hij is nu economisch
molentjes blijven draaien. Hij bleef dat goed doen, totdat dat gestook (lees:
aanvallen, red.) niet ophield’
Ook de daalkwaliteiten van Evenepoel kwamen aan bod. ‘Hij
zet druk, hé’, zegt Wuyts. Museeuw vult aan: ‘Niet alleen in het wiel, maar op
kop. Hij nam mooie lijnen. Het verhaal van hij kan niet afdalen; dat werd daar
compleet weggeveegd. Dit moet hij meenemen naar de verdere toekomst.’