Zoals elk jaar gaan er ook in 2021 nieuwe talenten, jong of als laatbloeier, de overstap naar de top van het wielrennen wagen. Sommigen zullen slagen en eeuwige wielerglorie vergaren, anderen zullen misschien ambities bij moeten stellen en zich in een dienende rol moeten plaatsen en een paar zijn na een jaar alweer weg.
In de Leiderstrui brengt met regelmaat een nieuw gezicht in beeld en gaat dieper in op de resultaten, kenmerken en verwachtingen van de renner. Vandaag:
Anton Palzer van BORA-hansgrohe.
| Naam | Anton Palzer |
| Nationaliteit | Duitse |
| Leeftijd | 28 (11-03-1993) |
| Specialiteit | Klimmen |
| Huidige ploeg | BORA-hansgrohe
|
| Vorige ploeg | Niet van toepassing
|
| Belangrijkste resultaten | Niet van toepassing |
Waar het verhaal van Primoz Roglic van schansspringer naar
één van 's werelds beste klassementsrenners vanzelfsprekend bijzonder is, kan het
verhaal van de Duitser
Anton Palzer als nog opmerkelijker worden beschouwd. Hij
maakte dit jaar de overstap van het toerskiën naar het wielrennen. De
IDL Neo
duikt dieper in het verhaal van de 28-jarige Duitser.
Palzer maakt dus de overstap van het toerskiën. Wat is dat
voor sport? Bij toerskiën beklimmen de sporters de berg, dat kan al skiënd zijn
– zoals langlaufen – of lopend. Vervolgens is het uiteraard een race naar
beneden. Palzer behoorde met recht tot de wereldtop in deze sport. Zo veroverde
hij tijdens de wereldkampioenschappen van 2015, 2017 en 2021 drie zilveren en
een bronzen medaille.
Palzer's VO2 Max vergelijkbaar met Bernal en Froome
Het mag duidelijk zijn dat het toerskiën een zware sport is.
Bij het beklimmen van een berg wordt het uithoudingsvermogen immers zwaar
aangesproken en de hoogte maakt het uiteraard extra zwaar. Zowel het
uithoudingsvermogen als presteren op hoogte zijn twee kenmerken die in het
wielrennen van groot belang zijn. De tweede vooral voor klimmers en
klassementsrenners. Onder dat type renner kan Palzer het beste geschaard worden
– al heeft hij nog nooit een koers gereden.
Palzer’s gewicht in topvorm is naar eigen zeggen namelijk
’60 kilo’. Combineer dat met een lengte van 1,78 en je hebt een ideale
verhouding van gewicht en lengte voor een klimmer. Dan is er nog zijn enorme
V02max (een methode om de zuurstofopname te meten), waar BORA-hansgrohe bij de aankondiging van zijn komst de nadruk op
legde. Precieze cijfers noemde de ploeg uiteraard niet – want de concurrentie
mag niets wijzer worden.
Gelukkig deelde Palzer in een interview met
SPORTaktiv wel zijn VO2max uit zijn tijd als skiër. ‘Ooit haalde ik bij een test een
maximale waarde van 92.’ Ter vergelijking; Egan Bernal zou op negentienjarige
leeftijd ooit 90 à 91 bij een test hebben genoteerd en viervoudig Tourwinnaar
Chris Froome zat ooit zo tussen de 85 en 90.
Pöstlberger leidt Palzer naar de wielerwereld
Nu we duidelijk voor ogen hebben wat voor
type renner Palzer is, komt de vraag aan bod: hoe komt hij in vredesnaam bij
BORA-hansgrohe terecht? Zulke opmerkelijke overgangen zoals die van Palzer
hangen altijd een beetje van toevalligheden aan elkaar. In zijn geval is die
toevalligheid dat één van zijn vrienden de Oostenrijkse wielrenner - en lid van
BORA-hansgrohe - Lukas Pöstlberger
is.
Palzer
wilde enkele jaren geleden zijn training aanpassen en Pöstlberger leidde hem de
wielerwereld in. ‘Ik had mijn trainingsschema’s altijd zelf uitgedokterd
en dat ging lange tijd goed. Ik deed dat onder het motto: veel brengt veel en
meer brengt meer’, vertelt hij in een interview met
redbull.com. Zijn lichaam vond dat motto na verloop van tijd echter niet
meer fijn. ‘Ik werd vaker ziek en miste hele weken van training. Lukas bood me
vervolgens aan zijn trainer (Helmut Dollinger, coach bij BORA, red.) te vragen
om mij te begeleiden.’
Dollinger ging daarmee akkoord en de rest was geschiedenis.
‘Vorig jaar mei begonnen we met de samenwerking. Bij het fietsen – waar alles
wordt getest en gemeten – is relatief eenvoudig te zien waartoe iemand in staat
is. Helmut zei al snel: ’Wauw, je bent écht goed in fietsen!’ En dus zat ik
vervolgens voor de bazen van BORA-hansgrohe, die mij vroegen: ’Toni, zie je
een overstap naar het wielrennen zitten?''
Palzer ging echter niet gelijk gretig op de aanbieding in,
want hij was zich bewust van de risico’s. ‘Ik moest veel opgeven, zoals mijn
positie in de Bundeswehr (Duitse krijgsmacht, red.) en verschillende sponsors.
Verder vroeg ik mij natuurlijk af of ik überhaupt als profrenner zou kunnen
slagen. Maar uiteindelijk dacht ik: als je de kans nu niet grijpt, dan kijk je
daar over tien jaar met honderd procent spijt op terug. Niemand weet of het zal
lukken, maar ik moest het proberen.’
Palzer (tweede van links) zegt het leger vaarwel.
Valt Palzer met Roglic te vergelijken?
Als voormalig wintersporter wordt de vergelijking met Roglic
al snel gemaakt. Palzer wil daar echter weinig van weten. ‘Ik vind het
belangrijk dat ik geen kopie van iemand anders word. De vergelijking met
ex-skispringer Roglic klopt ook niet, dat is onzin. Ik heb het nu al honderd
keer gehoord. Ik wil mijn eigen verhaal vertellen. Hopelijk lukt het, maar
misschien ben ik over twee jaar weer ski-bergbeklimmer.’
Met de vergelijking met Roglic kan Palzer dus weinig en er
vallen in de ontwikkeling van beiden sowieso de nodige verschillen op te
merken. Zo maakte Roglic al drie jaar deel uit van het continentale circuit
voordat hij de stap naar de WorldTour zette. Gedurende die periode won hij voor
het Sloveense Adria Mobil onder andere de Ronde van Slovenië voor Mikel Nieve,
die dat jaar achtste in de Vuelta werd.
Kortom, dat Roglic op zijn minst een zeer verdienstelijk
renner in de WorldTour zou worden, was niet lastig in te schatten. Palzer is
daarentegen vooralsnog een groot mysterie. Hij heeft geen enkele ervaring in
wielerwedstrijden en mist dan ook essentiële vaardigheden als het rijden in een
peloton. Wel beschikt hij met zijn geweldige VO2max en zijn fysiek in topvorm
– zoals eerder genoemd 1,78 meter en 60 kilo - over de potentie om een
topklimmer te worden.
Het is echter al vaak genoeg gebleken dat hoge waardes
trappen in een lab heel wat anders is dan presteren op de weg, waar allerlei
omstandigheden je prestatie kunnen dwarsbomen. Er zijn dan ook genoeg
voorbeelden te noemen van renners met uitstekende waardes die regelmatig onderuit
gaan en vaker aan het herstellen zijn, dan dat ze in topvorm aan een koers
beginnen. Of het ontbreekt de renner aan gevoel voor positionering, waardoor
die voor de finale al te veel energie moet verspelen.
'De trainers zeggen dat het rijden in een peloton voor de eerste keer vrij ongemakkelijk is'
- Anton PalzerPalzer is zich er maar al te goed van bewust dat hij veel
zal moeten leren in de praktijk. Hij somt wat dingen op: ‘Ik rijd tot nu toe
vaak nog met een te zware versnelling. Zo maak ik bergop 85 omwentelingen, waar
honderd goed is. Momenteel probeer ik daar aan te wennen.’ Volgens Palzer helpt
bij het maken van deze aanpassingen dat hij helemaal nieuw is in de sport. ‘Het
is goed dat ik begin vanaf nul. Als ervaren professional is het namelijk veel
moeilijker om deze aanpassing te maken.’
Ook zaken als wedstrijdtactiek en rijden in het peloton noemt
Palzer als belangrijke leerpunten. ‘De trainers zeggen dat het rijden in een
peloton voor de eerste keer vrij ongemakkelijk is.’ Daarnaast houdt Palzer het
stuur nog te stevig vast, een gewoonte vanuit zijn vorige sport. ‘Daar was een
stevige grip belangrijk. Het helpt echter niet bij het fietsen, want het brengt
geen extra energie op de pedalen. Je moet je handen juist losjes op het stuur
leggen.’
Palzer debuteert in Tour of the Alps
Palzer heeft dus voldoende huiswerk en beseft dat het niet
een kwestie van een paar maanden is. Deelnames aan grote rondes ziet hij dan
ook als iets voor de langere termijn. ‘Het zou een groot succes zijn als ik
over twee, drie jaar aan de start zou staan van de Tour, Giro of Vuelta. Ik ben
pas 27 (inmiddels 28, red.) jaar oud. Ik heb geen stress. De Tourwinnaars
worden steeds jonger, maar bij duursporten gaat het ook om hoeveel uren je hebt
geïnvesteerd in je training. En ik heb veel getraind.’
Anton Palzer finisht de eerste etappe van de Tour of the Alps als 93ste, vlak achter het peloton. Intussen heeft Palzer zijn debuut gemaakt in de Tour of the
Alps. Er zijn mindere wedstrijden waar je als renner je eerste koers kan
rijden. In de Italiaanse koers start namelijk een ijzersterk veld aan kopmannen
en meesterknechten, die de laatste puntjes op de i zetten richting de Giro
d’Italia. Wat kan Palzer daar presteren? Mocht hij in een bergetappe in dienst
van de ploeg al met de beste dertig à veertig renners meekunnen, dan
zou dat al een bijzondere prestatie zijn. Van iemand die nog nooit gekoerst
heeft, kan je immers niet veel meer verwachten. Een nieuw Roglic-sprookje of
niet, de titel van meest opmerkelijke overstap naar het profwielrennen heeft Palzer
alvast wel op zak.
Wilbert van der Velde (
[email protected])