Voor het eerst sinds zijn levensbedreigende valpartij sprak
Egan Bernal met de pers. Openhartig, zo zou blijken. De Colombiaan is optimistisch
en ambitieus, maar ook duidelijk veranderd: ‘Er zijn voor mijn familie is nu belangrijker
dan de beste wielrenner zijn.’
‘Het gaat goed met me’, opent een scherp ogende doch
enigszins aangeslagen
Egan Bernal de online persconferentie, waar
In de
Leiderstrui aanwezig was. De vlak voor hem geplaatste wandelstok en zijn
lichtelijk naar voren gebogen schouders zetten zijn woorden echter weinig kracht
bij. ‘Maar mag ik dit gesprek in het Spaans voeren? Daar voel ik mij
comfortabeler bij.’
Na afloop van de persconferentie heeft Bernal ook een
social ride op Zwift georganiseerd, als bedankje voor alle fans die hem steunden de
afgelopen maanden. Een mooi gebaar.
Het scheelde niet veel of
Egan Bernal had een dwarslaesie,
zo zeiden de doktoren tegen hem. Hij had er maar liefst
95 procent kans op na
zijn val op
24 januari 2022, waarbij de dood zelfs om de hoek kwam kijken. Bij
die val liep hij, om u even een totaalbeeld te geven, de volgende blessures op: een gebroken ruggenwervel, een gebroken rechterdijbeen, een gebroken rechter
patella (verbindt de dijbeenspier via de knieschijf met het scheenbeen), een
borsttrauma, een uitgezette long en verschillende ribbreuken. Op social media
leek hij echter al vrij snel weer op de weg terug naar de ‘oude’ Bernal.
‘Op social media deel je alleen de goede dingen. Ik heb talloze nachten met ontiegelijk veel pijn in bed gelegen’
- Egan Bernal
Social media was alleen niet het totaalplaatje. Met één zin komt
er veel emotie vrij bij de Colombiaanse superster. ‘Op social media plaats je
alleen de goede dingen’, even kijkt de Tour de France-winnaar van 2019 naar de
grond. Breekbaar. ‘Ik heb talloze nachten met ontiegelijk veel pijn in bed
gelegen. De meeste dagen kon ik alleen maar denken aan de pijn.’
‘Momenten zoals deze, veranderen je als mens…’ Bij Bernal is
dat duidelijk zichtbaar in hoe hij naar de wielrennerij kijkt. ‘Je gaat heel anders
naar het leven kijken. Ik was bijna dood. Het is nog steeds heel belangrijk
voor mij om een zo goed mogelijke wielrenner te zijn, maar er zijn voor mijn
familie is nu veel belangrijker.’
Dat besef is gekomen na de steun die hij zelf kreeg in deze
moeilijke tijd. ‘De support van de mensen om me heen en van fans over de
hele wereld heeft me echt door deze zware maanden heen geholpen. Het was de
sleutel tot mijn herstel, gecombineerd met een grote waardering voor het feit
dat ik nog leef. Voor mij is het belangrijkste dat ik er nog ben en dat ik
alles kan delen met mijn vrienden en mijn familie.’
Het evenement op Zwift na
afloop van de persconferentie is duidelijk geen publiciteitsstunt, maar een
oprecht gebaar uit het hart van de renner. De verdere ontwikkeling van Bernal
als mens is misschien nog wel meer te prijzen dan het ongelooflijke herstel van
Bernal als wielrenner. Om het even in een veel te vaak gebruikt cliché te gieten: sport is, voor Bernal, uitgegroeid tot de belangrijkste bijzaak in het leven.
‘Of ik plots bang word, weet ik pas wanneer ik weer echt in een peloton rijd’
- Egan Bernal
Naar aanleiding van zijn uitlatingen, stelt In de
Leiderstrui hem de vraag of hij nu ook anders naar de fiets kijkt en met minder
vertrouwen of meer angst een afdaling in gaat. ‘Voorlopig heb ik niets van angst
gemerkt’, antwoordt Bernal. ‘Al moet ik daar wel bij zeggen dat ik alleen nog
maar rustige ritjes heb kunnen maken. Of ik plots bang word, zal ik pas weten
als ik weer op hoge snelheid train of wanneer ik weer echt in een peloton rijd.
Ik hoop dat het meevalt, want wielrennen is wat ik het allerliefste doe.’
De tijd zal ons leren in hoeverre zijn traumatische
valpartij zijn vertrouwen op de fiets beïnvloed heeft. Voorlopig zien we Bernal
namelijk nog niet terug in het peloton. ‘Er zit absoluut geen haast achter’, vertelt
hij. ‘Mijn ploegleider Dave Brailsford heeft me meermaals laten weten dat ik
mijn tijd moet nemen. De manier waarop de ploeg met het ongeluk om is gegaan, is
heel fijn voor me. Ik voel me er heel kalm onder en ben ze er heel dankbaar
voor. Ik heb meer motivatie dan ik ooit heb gehad. Wanneer ik weer kan koersen,
wil ik gelijk goed in vorm zijn. Maar dat betekent niet dat ik gelijk kan
winnen…’
Een klein lachje na die slotzin, verraadt genoeg. Zeg nooit
nooit.