Parijs-Roubaix 2024 begon voor
Visma | Lease a Bike weer desastreus,
met het niet starten van ex-winnaar Dylan van Baarle en eerder al kopman Matteo Jorgenson. Tot overmaat van ramp reed Christophe Laporte op zo'n beetje het slechtste moment lek, waarna
Tim van Dijke met een achtste plek de meubelen leek te redden. Leek, maar de jury dacht daar anders over: Van Dijke werd vanwege een onreglementair manoeuvre teruggezet naar plek zestien. Desondanks mogen de Zeeuwse broers Van Dijke en heel Visma | Lease a Bike trots zijn op hoe ze hebben gereden.
Eerst maar even die jurybeslissing: Van Dijke maakte onderdeel uit van de tweede achtervolgende groep. Tim liet een gaatje vallen en reed binnendoor hard weg van de rest. Daarbij moest hij even van de baan af en over het pad van het middenterrein. Van Dijke kwam met voorsprong over de streep voor de achtste plaats, maar werd door de jury teruggezet naar de laatste plek van die groep: plek zestien.
Lees verder onder de tweet.
Achtste of zestiende, het is iets voor de geschiedenisboeken. Bij de gebroeders overheerste de trots op de wielerbaan van Roubaix, waar ze met In de Leiderstrui spraken. 'Dit was echt loodzwaar. Een hoger niveau dan dit is er niet en ik voelde mij supersterk. Ik kom niet vaak in deze posities en we mogen dus ook kritisch zijn op de keuzes die we hebben gemaakt, maar die hebben we wel met de beste intenties gemaakt. Het was vechten tot de laatste meter en dan zo eindigden in een Monument… voor mij is dat een heel erg mooi resultaat', aldus Tim, die op dat moment nog dacht dat hij achtste werd.
Mick vult aan. 'We hebben veel pech met de ploeg,
dus het is geen gemakkelijke tijd geweest', doelde hij op de pech die onder meer Wout van Aert, Jonas Vingegaard, Jan Tratnik, Laporte en Van Baarle trof. 'We zijn elkaar echter blijven
motiveren en zijn positief gebleven. Ik en Tim hebben nu de kans gekregen en ik
denk dat we dat goed hebben gedaan, dus dat is weer iets positiefs.’
'We hebben een heel goed plan
gemaakt, met Arthur, Merijn en Grischa (ploegleiders Van Dongen, Zeeman en Niermann), red.', laat Tim weten. 'Vanaf dat moment hebben we er het beste
aan gemaakt, maar juist dat is ook het mooie aan onze ploeg: zomaar iemand als
ik kan hier ook meedoen in de finale. Die kansen doen zich voor, dus dan moet
je die pakken. Voor mij is dit iets waar ik heel blij mee mag zijn.’
Gebroeders Van Dijke meermaals getroffen door pech, maar bleven vechten
‘We verzorgden de communicatie en zorgden we ervoor dat we elke strook goed
op wisten te draaien. Vooral bij het Bos van Wallers lukte dat uitstekend, waar
Tim jammer genoeg lek reed en ik in een groep met Van der Poel, Philipsen en Pedersen
overbleef. Alles kwam vervolgens terug en ik viel nog en kende nog wat pech,
maar uiteindelijk ben ik blij', vertelt Mick, die drie plekken na Tim Arenberg betrad. Tim: 'Met dank aan Per Strand
Hagenes begon ik als tweede aan het Bos van Wallers, dus op dat moment had ik
gewoon eigenlijk kippenvel. Ik zat achter Pedersen, vooraan in de wedstrijd en
had alles onder controle, maar dan rijd je lek. Toen moest ik wel een paar
pijlen verschieten om terug te komen, dus dat deed ik dan maar. Maar het is een
schitterende dag.’
Lees verder onder de foto.
Pech bleef de twee dus ook nog eens niet bespaard: Tim reed lek in het Bos, Mick viel en reed ook nog eens lek. 'Het Bos is letterlijk de hel op
aarde', lacht Tim. 'Het is niet voor niets dat daar zoveel materiaal kapot gaat, maar dan is
het een zaak van rustig blijven, wisselen en je ballen afdraaien om terug te
komen. Dat kost heel veel kracht', waarop zijn broer zijn versie van de pechduivel geeft. 'Wat er gebeurde bij die val?
Ik weet het niet eens precies. Ik dacht dat Van der Poel aan zou vallen en ik
probeerde in zijn wiel te zitten, maar het was een stomme move en ik viel.
Later reed ik ook nog lek, waardoor ik niet meer terug kon komen. Ik ben echter
blijven vechten.’
Op de piste van Roubaix konden de twee elkaar in de armen vallen. 'Wielrennen is soms zo’n
lastige sport en iedereen wil daar zitten, dus ik was ook best nerveus voor
deze wedstrijd. Uit onervarenheid heb ik wel wat keuzes gemaakt die krachten hebben
gekost, maar ik ben heel trots op mijzelf. En ook op mijn broer Mick, Per en het
gehele team. Mick zei dat hij dacht dat ik top tien ging rijden, dus het was
best een emotioneel moment om hier in de velodroom te staan en je broer hier op
te zien rijden. Dat was geweldig', concludeert Tim met terecht natte oogjes.