Renner van het Jaar (8&7): Four down, Sanremo to go, eindelijk tranen bij Mollema IDL-producties

Renner van het Jaar (8&7): Four down, Sanremo to go, eindelijk tranen bij Mollema

Door Marijn van den Berge 08 december 2019 | 10:47


Het is december. De eerste oliebollenkramen duiken op, de kerstman staat te trappelen om Sinterklaas het land uit te schoppen en er kan weer gestemd worden voor de Top 2000. De wielerliefhebber ziet het met een gevoel van diepe leegte aan. Al ruim een maand geen wielrennen op de weg en nog bijna twee maanden wachten voor er weer gekoerst gaat worden. Maar december is ook de maand van eindejaarslijstjes. Daarom zet In de Leiderstrui in vijf delen de beste tien renners van afgelopen jaar op een rijtje. Dit is deel 2.

We geven meteen toe: u zult het misschien niet met alle namen en posities eens zijn. U zult renners missen en vast ook onbegrip hebben voor namen in deze top tien. Niet gek; 2019 was misschien wel het beste, leukste en verrassendste wielerjaar in het afgelopen decennium. Het was dan ook moeilijk om keuzes te maken. Maar deze renners hadden volgens ons het grootste aandeel in dit fantastische wielerjaar:

Lees ook deel 1 (10 & 9): Roze wolken vallen hard en kers op prachtige bruidstaart

8. Philippe Gilbert

Iedereen roept over Alejandro Valverde wel dat hij op bejaarde leeftijd nog best toffe dingen doet, maar wat denkt u van Philippe Gilbert? Hij draait al mee sinds 2003 en heeft een palmares dat, als je het uit zou printen, om de wereldbol gewikkeld kan worden. De Belg is 37 jaar, koerste met en tegen de allergrootsten der aarde en klopte ze ook, om zo zélf één van de grootsten der aarde te worden. 37 jaar. Dat betekent dat de gemiddelde renner afgeschreven is, dat je een rugblessure kunt oplopen door verkeerd te slapen en dat je tandarts langzaamaan over een kunstgebit begint.

Niet bij Philippe Gilbert. Dr. Phil heeft de eeuwige jeugd. Zijn knie lag in de Tour de France van 2018 aan gruzelementen, nadat hij over een muurtje kukelde en minstens twee meter lager op de stenen terecht kwam. Hij fietste de etappe uit - met een gebroken knie - en vond die avond toch maar dat het niet verstandig was om door te fietsen. De vergelijkingen met Valverde vallen opnieuw te trekken: het kon einde carrière betekenen.

Flashforward naar zeven en een halve maand later. Gilbert had in de media zijn #StriveforFive links laten liggen, maar het bleef in zijn hoofd zeker een doel. Lombardije, Vlaanderen en Luik had hij al en op 14 april 2019 voegde hij een nieuw hoofdstuk aan zijn legende toe. Parijs-Roubaix. Daar waar Gilbert, als hij naar zijn tandarts had geluisterd, zonder gebit aan de streep was gekomen, terwijl hij sprintte tegen Mr. Prodent Nils Politt himself. Terwijl Van Aert zich terugvocht na meerdere pechgevallen en een valpartij, ging Gilbert in de aanval. Bijna zeventig kilometer lang.

Er werd gekoerst en gewacht, renners losten en kwamen, maar Gilbert zat altijd met zijn eerste grijzende haren op de voorste rij. Mr. Prodent zat de hele dag in het gezicht van Gilbert te kijken en lanceerde een krachtige aanval op 14 kilometer van de streep in de velodrome. Alleen Gilbert kon de jeugdige Duitser volgen en zat in een zetel: Politt wist dat hij niet ging winnen, maar wist ook dat hij tweede kon worden achter een legende op wielen. Een sprint die geen eerlijke sprint was, tranen van vreugde, uitputting en pijnlijke kroonjuwelen. Four down, Milaan-Sanremo to go.

Iedereen maakt fouten, zelfs Patrick Lefevere. De Godfather van het hedendaagse wielrennen besloot Philippe Gilbert thuis te laten en niet mee te nemen naar de Tour de France. Een zet die de veteraan krenkte tot in zijn knie vol littekens. Het gaf hem misschien de laatste zet richting zijn transfer naar Lotto Soudal. Toch toonde Gilbert de veerkracht na deze mentale opdoffer en stond hij er weer gewoon in de Vuelta.

Hij zat in etappe 12 in de vlucht van de dag, die pas op 60 kilometer van de streep wegkwam, plaatste een verschroeiende aanval op een steile heuvel in de finale en kwam na een solo van ruim 9 kilometer in zijn eentje aan in Bilbao. De klassieke motor die in Gilbert ligt kwam nog maar eens bovendrijven. Dat gebeurde vijf dagen later nog eens in de historische waaieretappe naar Guadalaraja. 200 kilometer vol koers, met de billen bloot en met de snufferd vol in de wind. Klinkt als een klassieker en dus wint Gilbert: een perfect gelanceerde aanval van Zdenek Stybar, de concurrentie die reageert en Gilbert die het afmaakt. Typisch Deceuninck-Quick-Step.

Op je 37e een Monument winnen, mentaal in de prut zitten en er weer uitklimmen om leukweg twee etappes in een loeizware grote ronde winnen. Dat kan maar één man: Dr. Phil.

7. Bauke Mollema

Als ik naar Bauke Mollema kijk, moet ik altijd denken aan een bokser die zijn dekking laat hangen, maar met zijn hoofd van links naar rechts en van boven naar beneden wegdanst om de klappen van zijn tegenstander te ontwijken. In mijn hoofd begint automatisch ‘Can’t Touch This’ van MC Hammer af te spelen. Mollema danste ook weg, op een wisselvallige dag in oktober, waarop zon en wolken elkaar probeerden de touwen in te slaan. Misschien heeft Mollema nog nooit zo hard weggedanst als op die dag in de Ronde van Lombardije.

Alejandro Valverde probeerde het even met een prikje. Primoz Roglic gaat hem halen. Dan valt het stil en ruikt Mollema zijn kans om zijn slag te slaan. Het is de nieuwe Mollema. Hij volgt niet meer in zijn harkende stijl, maar valt aan, danst weg en is inmiddels gelouterd in koersgogme. Hij doet of hij nog snel even naar de bakker gaat voor een half bruinbrood en een poffert, maar stiekem rijdt hij een paar Italiaanse heuvels plat, zwaait vlug naar zijn moeder in de laatste bocht en wint hij zijn grootste wedstrijd uit zijn carrière. Tot nu toe.

Al vanaf het prille begin van het jaar op Mallorca, tot helemaal in Japan, waar hij Michael Woods wel of niet flikte; Mollema stond er en reed uitslagen. Hij had zijn tong in het achterwiel van Mathieu van der Poel gehangen en kwam bij de eerste groep aan in de Amstel Gold Race. Hij reed top 10 in een zwaar bezette Waalse Pijl. Hij werd Europees kampioen én wereldkampioen op de Mixed Relay ploegentijdrit en was in elke Spaanse en Italiaanse najaarskoers op de voorste rij te vinden.

Hij werd bovendien ontzettend knap vijfde in de Giro d’Italia, achter een paar van de beste klassementsmannen van de wereld. We zijn het potdikkie bijna vergeten omdat Salvatore Puccio de knie van Tom Dumoulin naar de gallemiezen hielp. Het was echter gewoon zijn beste prestatie in een grote ronde ooit, op de derde plaats in de Vuelta van 2011 na. Een plaats die hij dit jaar pas kreeg na de dopingschorsing van Juan José Cobo. 

Zesde in de Tour: ‘Pfoh, wel aardig.’ San Sebastian gewonnen: ‘Oh, juah, het ligt me wel.’ Etappe gewonnen in de Tour: ‘Mwoah, niet verkeerd, nu goed herstellen en morgen weer een dag.’ Maar op het podium van Lombardije bleek Bauke Mollema niet zo stoïcijns meer als voorheen. Hij besefte dat hij hier iets schitterends had neergezet. Dat zijn carrière niet meer stuk kan. Dat opa’s tegen hun kleinkinderen gaan vertellen dat ze Bauke Mollema de Ronde van Lombardije hebben zien winnen. 

Met de lipstick van de rondemiss op zijn wangen en de Koning van Hispanje in zijn oren wordt het zowaar vochtig in de ogen van de eenzame fietser, die vanaf zijn podium in Como heel Italië kon overzien. Eindelijk tranen, na zó'n enorme carrière. Als Bauke huilt, huilen we met hem mee. Hij weet het, wij weten het: Can’t Touch This, tuuuuduuuuu. (Foto: Sirotti)

Wie zijn volgens jou de beste renners van 2019? Laat het weten in de comments! Woensdag volgt deel 3. 

Marijn van den Berge (E-mail: marijn@indeleiderstrui.nl / Twitter: @Marijnvdberge97 )


Tags:

Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst, wees de eerste!

Reageren

Om een reactie te kunnen schrijven dien je ingelogd te zijn. Login/Registreer je hier direct!

Meer nieuws