Bij
INEOS Grenadiers trekt men
naar alle waarschijnlijkheid met een monsterploeg naar de Tour de France. Aldaar zal
comeback kid Egan Bernal normaal gezien één van de belangrijkste troefkaarten zijn. Dat geldt ook voor manusje-van-alles
Tom Pidcock, die dan weer benadrukte dat hij vooral
zijn eigen plan wil kunnen trekken. In de
Ronde van Zwitserland zagen we beide heren meedingen om de ereplaatsen.
'Vanuit onze kant was het plan als volgt: de koers hardmaken', opende Bernal het interview met
Cycling Pro Net, na afloop van de voorlaatste rit in Zwitserland (wat
weer een UAE Team Emirates-feestje werd). 'Ik denk namelijk dat we een van de sterkste ploegen in koers hebben. Iedereen was dan ook toegewijd aan dat plan en we hebben ons uiterste best gedaan.'
De Colombiaanse Tourwinnaar van 2019 kwam in Villars-sur-Ollon
als zesde over de meet, in een groepje met ook Pidcock, Oscar Onley, Mattias Skjelmose en Wilco Kelderman. 'Ik sta nog steeds op het podium', doelde Bernal vervolgens op zijn derde plaats in het algemeen klassement (met nog één rit te gaan). 'Op de laatste klim voelde ik me nog erg goed, al was ik wel vooral bezig met het niet verliezen van tijd op Mattias. Gelukkig zat Tom ook nog in de groep en kon hij de laatste kilometers flink tempo maken. Dat maakte het voor mij een stuk gemakkelijker.'
Ook Pidcock, die uiteindelijk als achtste over de meet bolde, reageerde nog op de in West-Zwitserland geleverde prestatie. 'In andere etappes hanteerden we eveneens deze tactiek', vertelde hij in
een videobericht van INEOS Grenadiers. 'Toen moesten Skjelmose en nog een paar gasten lossen. Daarom probeerden we het nogmaals op die manier. De slotklim was echter niet steil genoeg om grote verschillen te creëren. De UAE-ploeg is duidelijk het sterkste, dus moesten we iets proberen. We kunnen niet rustig achteroverleunen en hen continu volgen.'