Teammanager
Christoph Roodhooft van Alpecin-Fenix snapt weinig van het
commentaar van
Richard Plugge op het optreden van zijn ploeg in
Milaan-Sanremo.
Plugge, manager van Jumbo-Visma, liet na de koers weten niet te begrijpen
waarom Alpecin-Fenix geen bijdrage leverde aan de achtervolging op de koplopers.
Het beeld van het peloton in
Milaan-Sanremo was lang
eenzijdig met Jos van Emden die de achtervolging op de kopgroep namens
Jumbo-Visma leidde. Buiten Jumbo-Visma, dat met Wout van Aert een topfavoriet
binnen de gelederen had, was er weinig interesse van andere ploegen om een
bijdrage te leveren. Zo hield ook Alpecin-Fenix zich afzijdig, terwijl ze met
Mathieu van der Poel wel één van de beste klassieke renners in de selectie had.
De kritiek van Plugge doet Roodhooft echter weinig, of
anders gezegd: ‘Niets’, stelt hij in de podcast
Wuyts & Boonen van
Het
Laatste Nieuws. ‘Plugge had vorig jaar na die tijdrit (eerste tijdrit Tour de France,
red.) ook commentaar. Hij zei dat het niet kon dat Mathieu voor het eerst op
die fiets zat. Nu komt hij hier weer mee.’
Roodhooft vervolgt: ‘Ten eerste is Plugge ons niets komen
vragen tijdens de wedstrijd. Wij zijn ook niet gestart als favoriet’, doelt hij
op de rugkwetsuur van Van der Poel en het langdurige herstel daarvan. Daarnaast
benadrukt Roodhooft dat zijn ploeg in het verleden wel verantwoording nam. ‘We
hebben de afgelopen twee jaar wel gelijk iemand bijgezet (bij de achtervolging,
red.). Ik zie niet in waarom we op voorhand zo onze wedstrijd zouden moeten
aanpakken, in de verste verte niet. Het is Plugge zijn goed recht om dat te zeggen,
maar ik snap zijn punt niet’, aldus Roodhooft.
'Met een beetje hulp had hij misschien voor de zege kunnen sprinten'
- Christoph Roodhooft over derde plek Van der Poel in Milaan-SanremoOok blikt de teammanager nog even terug op de derde plek van
zijn renner in het eerste Monument van het seizoen. ‘Die derde plek was
natuurlijk onverwacht. Dat hij in orde was om
Milaan-Sanremo op een deftige manier
te kunnen uitrijden hadden we echter wel verwacht.’ Bij Van der Poel
overheerste na afloop toch wat teleurstelling, terwijl hij in zijn eerste koers
van het seizoen – gelijk een topklassieker – derde werd.
Mogelijk had er meer ingezeten als de Nederlander in de
finale nog over een ploegmaat beschikte. ‘Goh, we hadden een beetje pech’, zegt
Roodhooft. ‘De drie mannen die namens onze ploeg de voorbije twee jaar mee over
de Poggio kwamen, waren nu ziek. Uiteindelijk zat hij nu alleen en met een
beetje hulp had hij misschien voor de zege kunnen sprinten. Je houdt er op
voorhand ook geen rekening mee dat het zo zou gaan en dan heb je ook niet de
honderd procent overtuiging om te sprinten voor de overwinning.’