Søren Wærenskjold zag zijn team- en landgenoot
Alexander Kristoff naar
de zege sprinten in de openingsetappe van de
Ronde van Algarve. Zelf racete Wærenskjold op knappe wijze naar de
derde plaats. Hij wist daarmee zelfs topfavoriet
Fabio Jakobsen, die als vierde finishte, achter zich te houden.
'Ik wist dat ik bij de laatste rotonde bij de eerste zeven renners moest zitten', opent de 22-jarige Noor zijn wedstrijdanalyse in het flashinterview. 'Daarna probeerde ik Alexander de best mogelijk lead-out te geven. We zijn als eerste en derde gefinisht, dus we hebben het perfect gedaan. Na die rotonde was Alexander al best goed gepositioneerd. Toen besloot ik alsnog mezelf voor hem te positioneren en hem in de best mogelijke positie naar de finish te dirigeren.'
Na zijn knappe lead-out wilde Wærenskjold, die onlangs nog
de derde etappe in de Saudi Tour bijschreef op zijn palmares, 'rustig' uitbollen naar de finish. 'Maar toen zag ik opeens dat ik nog altijd in de top-drie reed en moest ik wel doorsprinten. Na de finish brak mijn zadel zelfs nog af. Ik mag van geluk spreken dat het niet eerder gebeurde.'