Renner van het Jaar (4&3): Een geel, afgetrapt fietsje en monsterlijke Van der Poel IDL-producties

Renner van het Jaar (4&3): Een geel, afgetrapt fietsje en monsterlijke Van der Poel

Door Marijn van den Berge 28 december 2019 | 10:11


Het is december. De eerste oliebollenkramen duiken op, de kerstman staat te trappelen om Sinterklaas het land uit te schoppen en er kan weer gestemd worden voor de Top 2000. De wielerliefhebber ziet het met een gevoel van diepe leegte aan. Al ruim een maand geen wielrennen op de weg en nog bijna twee maanden wachten voor er weer gekoerst gaat worden. Maar december is ook de maand van eindejaarslijstjes. Daarom zet In de Leiderstrui in vijf delen de beste tien renners van afgelopen jaar op een rijtje. Dit is deel 4.

We geven meteen toe: u zult het misschien niet met alle namen en posities eens zijn. U zult renners missen en vast ook onbegrip hebben voor namen in deze top tien. Niet gek; 2019 was misschien wel het beste, leukste en verrassendste wielerjaar in het afgelopen decennium. Het was dan ook moeilijk om keuzes te maken. Maar deze renners hadden volgens ons het grootste aandeel in dit fantastische wielerjaar:

Lees ook:
Deel 1 (10 & 9): Roze wolken vallen hard en kers op prachtige bruidstaart
Deel 2 (8 & 7): Four down, Sanremo to go, eindelijk tranen bij Mollema
Deel 3 (6 & 5): Een wolf in schaapskleren en kanonschoten op de Alto

4. Egan Bernal

Zipaquirá. Er is zout. Heel veel zout. Verder is het vooral oud en idyllisch, als we een reissite mogen geloven. Als je ver kunt gooien ligt de Colombiaanse hoofdstad Bogota op een steenworp afstand. Overdag wemelt het in Bogota van de mensen, ’s nachts wemelt het er van pretpoedertransporteurs. Het belangrijkste van Zipaquirá is dat het midden in het Andesgebergte ligt, op zo’n 2650 meter hoogte. Alejandro Valverde ligt op die hoogte al op apegapen, Egan Bernal begint zich dan net thuis te voelen. Bij zijn geboorte op 13 januari 1997 had hij al meer rode bloedcellen dan Tom Dumoulin na zeventien hoogtestages.

Het is Zipaquirá’s nieuwste bezienswaardigheid, de twee keer per jaar dat hij papa Germán en mama Flor in de armen sluit, Egan Arley Bernal Gómez. Daar groeide hij op in de armoede van het Colombiaanse achterland. Daar kreeg hij van zijn vader een afgetrapte fiets, waar hij talloze keren de Pacho mee op reed. 23 kilometer lang, 6 procent steil en de top op 3300 meter. Hij ruilde de armoede van Zipaquirá in voor de op een miezerig weegschaaltje afgewogen kaviaar en champagne van Team Sky en de Pacho voor de Alpe d’Huez. En hij kon nog niet eens zelf koken.

Hij maakte in 2018 al indruk als neoprof. Hij won bijna de Ronde van Romandië, hij won helemaal de Tour of California en hij fietste de ballen uit zijn luier voor Tour-winnaar Geraint Thomas en deed daarmee de rest van het peloton gruwelijk veel zeer. Dat zette hij een jaar later op repeat, maar ditmaal voor zijn eigen hachje.

Veel koersen rijden deed hij dit jaar niet; het ging op de INEOS-manier. Succesvol was het wel. Zonder een etappe te winnen reed hij een indrukwekkende 39 seconden weg van Nairo Quintana om Parijs-Nice te winnen. Dat was het grootste verschil tussen 1 en 2 in Parijs-Nice sinds Richie Porte Andrew Talansky op 55 seconden zette in 2013. Altijd was het in de jaren erna een secondenspel.

Het zet de macht van Bernal in perspectief, maar als je het koersverloop bekijkt is het nog indrukwekkender; met zijn 39 kilogram, of iets in die richting, boorde Bernal vol op kop in de waaiers van Parijs-Nice. Hij was de initiatiefnemer van de waaiers, terwijl hij een dag eerder van Luke Rowe voor het eerst leerde hoe het moest. Hij was het, met zijn 39 kilogram, die met zes sprinterstypes annex klassieke types annex blokken beton, over de streep kwam. Hij spotte met de wetten van de natuur. Miguel Ángel López waaide in een afvoerputje en kwam 8.27 minuten later over de meet. Martijn Tusveld zocht zijn tanden.

Ook de Ronde van Zwitserland werd een prooi voor Bernal in aanloop naar zijn grote doel: De Tour de France. Daar liet hij zien ingeburgerd te zijn bij INEOS. Zijn beste daguitslag, op de ploegentijdrit na, was vierde. Dat gebeurde in de allerlaatste bergrit naar Val Thorens. Maar overal pakte hij tijd, was hij akelig constant. Overal bleef hij erbij, met sprekend gemak, zo leek het wel. Steven Kruijswijk op de rekker, Julian Alaphilippe met zijn tong tussen de spaken en voor Bernal voelde het alsof hij weer de Pacho op peddelde.

De man, herstel, het jochie, kent zijn eigen krachten waarschijnlijk niet. Of we die echte krachten al hebben gezien is een raadsel. Hij was bezig aan een nog grotere slag naar Tignes, toen zijn oerkrachten de berg waarop hij reed uit elkaar deed schudden en de etappe moest worden afgelast door aardverschuivingen. Ook de rit naar Val Thorens moest worden ingekort. Het was een jammerlijk einde van een schitterende Tour de France, al was het voor de tegenstanders van de Colombiaanse pocketklimmer misschien maar goed.

Staat-ie dan met een scheve grijns, terwijl leeftijdsgenoten wereldwijd uitkateren met pizza en bier. De 22-jarige winnaar van Parijs-Nice, de Ronde van Zwitserland, Gran Piemonte en de nummer 3 van Lombardije. De jongste Tourwinnaar in 110 jaar. Kijk hem schitteren in zijn gele trui. Hij moet er nog aan wennen. Aan de flitsende camera’s, aan de aandacht van de joelende menigte, die hem zojuist op zijn gele Pinarello de stad van de liefde binnen hadden zien fietsen. Het afgetrapte, stalen fietsje van zijn vader, waarmee hij ooit de zouterige straten van Zipaquirá onveilig maakte was ook geel. Alsof het zo moest zijn.

3. Mathieu van der Poel

Het Fenomeen. The Wizard of Cross. King Mathieu. Mathieu de Onklopbare. Mathieu de Ongelooflijke. De Nieuwe Merckx. De Vliegende Hollander. MVDP. Matje.

Matje. Zo noemt zijn vader hem standaard. Het doet denken aan een deurmat van de Action met heel groot ‘Welcome’ erop, omdat we in dit huis zo lekker internationaal zijn. Het doet denken aan New Kids die bier met traytjes tegelijk drinken en ‘kut’ roepen. Het doet denken aan Nathan Rutjes. Maar Matje is de grootste wielerster die Nederland heeft. Misschien wordt het wel de grootste die Nederland ooit heeft voortgebracht. Mathieu van der Poel doet Tom Dumoulin verbleken en Steven Kruijswijk smelten.

En dan hebben we het niet over zijn ontelbaar aantal gewonnen crossen of over dat hij de enige is die mountainbikegod Nino Schurter aan het wankelen krijgt. Dan hebben we het over een vierde plaats in Gent-Wevelgem, een zege in de GP de Denain, waar vier dagen eerder nog gevreesd werd voor allerlei botbreuken in Nokere Koerse. Dan hebben we het over een perfect uitgevoerde en afgemaakte Dwars door Vlaanderen. Ach, het was nog maar het begin.

In de Ronde van Vlaanderen sloegen ploegleiders van verbazing op het stuur van hun volgwagens en werden talloze renners verkouden van de Katapult uit Kapellen die langs kwam razen. Zojuist had hij zijn wiel gebroken over een bloembak en viel hij hard op de schouder toen dat wiel onder hem vandaan krakte. Michel en José waren het eens; einde Ronde van Vlaanderen. Alsof hij het gehoord had sprong hij weer op zijn fiets en reed haast in zijn eentje helemaal terug naar de kop van de wedstrijd. Prompt valt hij tot ieders verbazing aan, maar de krachten raken uitgeput. Hij zet zijn fiets, die overdwars wil, nog even recht en sprint naar een knappe vierde plaats.

Alberto Bettiol had de dag van zijn leven, maar het was Van der Poel die de show stal. Dat deed hij nog maar eens in een gewonnen Brabantse Pijl. Nederland tintelde van genot en we voelden dat het kón. Een opvolger van Erik Dekker. Hij schoot zijn eerste raket af op ruim 43 kilometer van de meet op de Gulperberg. Op die mooie 21e april. Want zo koerst Van der Poel. Aanvallend, zonder schroom, als een junior, als een kip zonder kop. Hij deed het in Gent-Wevelgem, in Dwars door Vlaanderen, in de Ronde van Vlaanderen en in de Brabantse Pijl. En nu hier in de Amstel Gold Race.

Het peloton kende inmiddels de naam en het reageren duurde niet lang. Op de Eyserbosweg was het de beurt aan Julian Alaphilippe, die Jakob Fuglsang meenam. Het was een indrukwekkende aanval, die stand leek te houden. Maar ze pokerden en Michal Kwiatkowski kon terugkeren. Maar daarachter walste een tornado Zuid-Limburg plat. Hij moest het bijna in zijn eentje doen, de achtervolging na een lange, zware, slopende dag.

Als ze al overnamen was het schaars en in de laatste 600 meter durfde niemand in de groep van Van der Poel meer. Na 265 kilometer aanvallend en achtervolgend koersen openbaarde ‘Matje’ oerkrachten die in de wielrennerij nog nooit zijn vertoond. Een sprint van 600 meter die hij met 65,9 kilometer per uur over de uitgepokerde Alaphilippe en Fuglsang heen ramde, waarbij hij een monsterlijke wattagepiek van 1400 (!) watt trapte. Royal Flush.

Huiskamers, wielercafé’s, redacties, stille zondagmiddagkroegen, verenigingen en bejaardenhuizen ontploften. Alsof de teen van Casillas Nederland niet van een wereldtitel had gehouden. Alsof Epke Zonderland zojuist met drie vluchtelementen op rij olympisch goud pakte. Alsof Max Verstappen 'de laatste bocht in Barcelona' door komt. Maar dat bij elkaar en keer zeven. Nederland zinderde. Commentatoren wereldwijd riepen dingen als ‘Mamma mia’, ‘aaaah’ en ‘hoe is het mogelijk?’ Een Engelse commentator kon alleen maar als een debiele zeehond lachen en klappen van pure verbijstering. Maar het maakte het allemaal zó ontzettend mooi.

In één klap was Mathieu van der Poel niet meer ‘die jongen uit het veld’ of ‘de zoon van Adrie van der Poel’. Hij was in één klap een Nederlandse sportlegende. Heel Nederland keek weer wielrennen na de dopingbekentenissen van Lance Armstrong en Michael Boogerd. Nederland zag hem juichend de Tour of Britain domineren. Nederland zag hem huilend tóch geklopt worden op het WK. Niet door een tegenstander, maar door de honger. Door de krachten der natuur. Want dat lijkt de enige manier om King Mathieu te stoppen. Of mogen we Matje zeggen? (Foto: Proshots)

Wie zijn volgens jou de beste renners van 2019? Laat het weten in de comments! Vrijdag volgt deel 5!

Marijn van den Berge (E-mail: marijn@indeleiderstrui.nl / Twitter: @Marijnvdberge97 )

Lees 5 reacties

Tags:

Reacties

Alaflip
6 Dec 2019 om 10:08

Daarom maak ik ook geen bezwaar, voor de andere kandidaten valt namelijk ook wat te zeggen. Het was een heel mooi wielerjaar met vele hoogtepunten.

Marijn van den Berge
5 Dec 2019 om 17:22
Quote van Alaflip
Ik wil hier bezwaar maken, maar doe het toch maar niet. Mathieu heeft wellicht te weinig op de weg gereden om een hogere positie te rechtvaardigen. Maar voor mijn gevoel was hij toch de allerbeste.

Nummers 1 en 2 Roglic en Alaphilippe (hier in willekeurige volgorde)? Veel andere smaken zijn er niet meer die er aanspraak op kunnen maken.

Je mag bezwaar maken, dat zou ik zeker begrijpen. Er zijn echter zóveel goede renners geweest dit jaar dat de keuze moeilijk was. We hebben inderdaad deze lijst samengesteld, puur op basis van wegprestaties. Van der Poel heeft misschien de mooiste dingen gedaan, maar de statistieken moeten ook worden afgewogen. We hebben proberen die balans te maken en zo kwamen we tot de rangschikking die we nu hebben gemaakt. Er zijn misschien wel vijf renners die op 1 hoorden, dan heb je altijd die discussie en dat is juist mooi!

Marijn van den Berge
5 Dec 2019 om 17:20
Quote van Wouterdehaas
Ben benieuwd naar de nummers 1&2! MVP; Als meeste complete renner aller-tijden (voor mij dan toch); Uitblinken en overtuigend winnen op zowel de weg, mountainbike als in het veld dan hoor je voor mij minimaal op 2 al dan niet op 1!
Daarnaast, Bernal; Op deze leeftijd de Tour overtuigend winnen, de beloften van vorig jaar waarmaken, ook dan hoor je voor mij op minimaal plaats 2!!
Maar je hebt natuurlijk Promiz en Alaf Polak nog ;) Mijn gevoel zegt omdraaien. Maar goed werk geleverd, mooi leesvoer!

Dank voor het compliment! We begrijpen je redenering zeker en voor ons was het ook erg lastig om uiteindelijk keuzes te maken. Er zijn zoveel renners die uitmuntend gepresteerd hebben. Van der Poel heeft voor Nederland natuurlijk het mooiste verhaal geschreven, maar door de oranje bril kijken zou subjectief zijn. Bovendien zijn er renners die simpelweg statistisch gezien meer hebben gepresteerd dan Van der Poel op de weg. Het veld en de mtb hebben we buiten beschouwing gelaten voor deze lijst.

Alaflip
5 Dec 2019 om 15:20

Ik wil hier bezwaar maken, maar doe het toch maar niet. Mathieu heeft wellicht te weinig op de weg gereden om een hogere positie te rechtvaardigen. Maar voor mijn gevoel was hij toch de allerbeste.

Nummers 1 en 2 Roglic en Alaphilippe (hier in willekeurige volgorde)? Veel andere smaken zijn er niet meer die er aanspraak op kunnen maken.

Wouterdehaas
5 Dec 2019 om 13:28

Ben benieuwd naar de nummers 1&2! MVP; Als meeste complete renner aller-tijden (voor mij dan toch); Uitblinken en overtuigend winnen op zowel de weg, mountainbike als in het veld dan hoor je voor mij minimaal op 2 al dan niet op 1!
Daarnaast, Bernal; Op deze leeftijd de Tour overtuigend winnen, de beloften van vorig jaar waarmaken, ook dan hoor je voor mij op minimaal plaats 2!!
Maar je hebt natuurlijk Promiz en Alaf Polak nog ;) Mijn gevoel zegt omdraaien. Maar goed werk geleverd, mooi leesvoer!

Reageren


Meer nieuws