De afscheidstournee van
Anna van der Breggen en
Chantal van den Broek-Blaak is in volle gang. Beide rensters van SD Worx hangen hun fiets binnenkort aan de wilgen, waarna ze als ploegleidsters aan de slag zullen gaan bij diezelfde ploeg. Het einde van een tijdperk, maar een nieuwe lichting dient zich aan.
In de Leiderstrui brengt de opvolgsters van de twee iconen in beeld en gaat met hen in gesprek. In deze editie: Lonneke Uneken van SD Worx.
Noot: dit interview is gepubliceerd voorafgaand aan de ploegpresentatie waarin Chantal van den Broek-Blaak bekendmaakte dat ze er toch nog een paar jaar aan vast plakt. Lonneke Uneken: een introductie
Namens het Noorse Team Hitec Product deed Uneken in 2019
haar intrede in het profpeloton. De renster uit Veendam kende zeker geen slecht
debuutseizoen, integendeel zelfs. Op het EK wielrennen bij de beloften reed ze
namelijk op knappe wijze naar een bronzen plak. In 2020 maakte Uneken de
overstap naar Boels-Dolmans Cycling Team, het huidige SD Worx. Haar bronzen
medaille op het EK voor beloften zette ze in dat jaar zelfs om in een zilveren,
maar de echte doorbraak volgde een seizoen later.
In de Nederlandse Healthy Ageing Tour van 2021 showde de
nog maar 21-jarige Uneken haar klasse. Ze schreef de derde rit op haar naam,
maar deed het ook prima in de klassementen: ze werd vierde in het eindklassement,
tweede in de strijd om de jongerentrui, zesde in het puntenklassement, maar
bovenal mocht ze de bergtrui mee naar huis nemen. Ook in de Baloise Ladies Tour
(juli) sprintte ze in de derde etappe naar de bloemen en won ze het
puntenklassement. Daarnaast behaalde Uneken een bronzen medaille op het onderdeel ploegenachtervolging tijdens het EK baanwielrennen voor beloften.
Uneken sprint naar de zege in de derde etappe van de Simac Ladies Tour
Onlangs sloeg Uneken ook toe in de Simac Ladies Tour, de
vroegere Boels Ladies Tour. Opnieuw won ze de derde rit, waarin ze naar de zege
sprintte vanuit een select groepje dat overeind wist te blijven na een smerige
valpartij. Wederom winst na een sprint voor Uneken, maar het jonge talent bestempelt
zichzelf niet als een echte renster voor de massasprints. ‘Eerst dacht ik dat
ik dat wel zou worden, maar nu merk ik dat de korte heuveltjes me ook wel goed
liggen. Ik denk dat mijn kracht ligt bij het klassieke voorjaar met de korte,
Vlaamse heuvels’, heldert ze op.
Het tijdperk na Van der Breggen en Van den Broek-Blaak
Uneken vindt het maar wat bijzonder om bij SD Worx met
Van der Breggen en Van den Broek-Blaak samen te mogen werken. ‘Voordat ik bij
ze in de ploeg kwam, zag ik Anna en Chantal vooral als de olympisch kampioene
en (voormalig) wereldkampioene. Daarna kom je bij ze in de ploeg, lig je opeens
met ze op de kamer en leer je de personen erachter kennen. Inmiddels zijn het
gewoon je ploeggenoten en is het bijna normaal, maar stiekem is het soms nog
wel gewoon gaaf dat je bij zulke rensters in de ploeg mag rijden.’
Ze mag dan pas een jaar actief zijn in het tenue van SD
Worx, maar Uneken voelt zich onderhand al helemaal thuis bij de ploeg. Zowel
met Van der Breggen als Van den Broek-Blaak heeft ze een hele goede verstandhouding,
beaamt ze. ‘Ik denk dat ik van ze allebei superveel kan leren en dat ze elkaar
straks, in hun nieuwe rol (als ploegleidster, red.), ook heel goed gaan
aanvullen.' Uneken en Van der Breggen rijden niet veel koersen samen, maar tijdens trainingskampen hebben de twee rensters veel samen opgetrokken. 'Ik denk dat we als gehele ploeg sowieso een hele goede band hebben.'
'Chantal heeft een hele mooie erelijst, maar uiteindelijk ben ik gewoon Lonneke en doe ik gewoon mijn eigen ding'
- Lonneke UnekenOok met Van den Broek-Blaak kan Uneken het goed
vinden. ‘Er wordt links en rechts wel eens geroepen dat ik de nieuwe Chantal
Blaak ben, dat is heel grappig. Ik denk dat we qua persoonlijkheid ook best wel
veel gelijkenissen hebben en dat zien we zelf ook wel, waardoor we een hele
goede klik hebben.’ Uneken laat zich echter niet gek maken en ervaart dan ook
geen druk van de buitenwereld. ‘Ik vind het vooral een hele mooie vergelijking.
Wat Chantal heeft neergezet, is natuurlijk echt superknap. Ze heeft een hele mooie
erelijst, maar uiteindelijk ben ik gewoon Lonneke en doe ik gewoon mijn eigen
ding.’
Waar Van der Breggen haar fiets na het huidig seizoen aan
de haak hangt, zet Van den Broek-Blaak na het voorjaar van 2022 een punt achter
haar carrière als profwielrenster. Beide rensters zullen daarna een nieuwe rol
als ploegleidster bij SD Worx gaan vervullen, tot grote vreugde van Uneken. ‘Ik
ben heel blij dat ze bij de ploeg betrokken gaan blijven. Zij dragen echt het
DNA van de ploeg bij zich, wat ze de komende jaren ook weer mee kunnen nemen’,
spreekt ze vol lof over het duo.
Zelf droomt Uneken ook al eens voorzichtig van zo’n mooie
erelijst als die van het afzwaaiende tweetal. ‘Voor mij is het natuurlijk zaak
dat ik de komende jaren doorgroei en sterker word, waardoor ik hopelijk ook
ooit in de positie van Anna en Chantal kan belanden. Ik hoop uiteindelijk door
te groeien naar de wereldtop en wil op het hoogste niveau mee kunnen doen voor
de overwinningen. Mijn stip op de horizon is Parijs 2024 (Olympische Spelen,
red.).’ Op welke vlakken moet ze dan nog groeien? ‘Ik wil vooral gewoon sterker
worden en inhoud gaan kweken. Ik moet leren om de juiste dingen op het juiste
moment te doen en soms iets meer de rust te bewaren. Daar kunnen Anna en
Chantal mij wel bij helpen, denk ik.’
De Nederlandse suprematie in het vrouwenwielrennen
Waar Uneken dit seizoen volop aan het doorbreken is, is
zij niet de enige Nederlandse renster die haar neus aan het venster steekt.
‘Het niveau is heel hoog, absoluut. Je ziet wel dat er een beetje een
tweedeling is; Anna en Chantal kleuren de oudere generatie, maar er komen ook
weer heel wat jonkies bij. Ik denk dat we in de breedte zeker wel genoeg
rensters hebben.’ Het lijkt misschien een lastige situatie vanwege de grote
concurrentie, maar zo ziet Uneken het niet. ‘Nee, daar denk ik eigenlijk niet
over na.’
Mogen we die concurrentie de komende jaren dan ook nog vanuit
de Nederlandse hoek verwachten? ‘Grotendeels wel, maar er zijn ook heel wat
buitenlandse jonge meiden die nu erdoor beginnen te komen. Dat zie je in het
klassiekerwerk, maar ook in het klimwerk. Wat onze ploeg betreft denk ik dan
bijvoorbeeld aan Anna Shackley en Niamh Fisher-Black, die het allebei supergoed
doen. Ik denk dat dat voor het mondiale wielrennen ook een hele goede stap is.’
Vrouwenwielrennen vs. mannenwielrennen
Het mondiale wielrennen wordt inderdaad steeds
populairder en dat geldt zeker ook voor het vrouwenwielrennen, waar Uneken de
vruchten van plukt. ‘Wat dat betreft ben ik op het goede moment ingestapt. Het
is gewoon ontzettend mooi dat ik daarin mee kan groeien.’ Het verschil met het
mannenwielrennen is echter nog altijd wel zichtbaar, ook al wint het
vrouwenwielrennen steeds meer aan populariteit. ‘Je ziet inderdaad dat de kloof
steeds kleiner wordt, maar het kan niet in één jaar opgelost worden’, is ze realistisch.
Om het vrouwenwielrennen qua populariteit en
professionalisering te laten stijgen naar het niveau van de mannen, zijn we
volgens Uneken afhankelijk van heel wat factoren. ‘Het prijzengeld is nu van
ondergeschikt belang, maar uiteindelijk wil je dat gelijktrekken. De basis ligt
naar mijn mening echter bij de salarissen. Het is namelijk belangrijk dat
iedereen in het peloton dit als volwaardige job kan doen, waardoor het niveau
weer toe zal nemen. Daardoor zullen de koersen weer interessanter worden. Op
die manier moet je de komende jaren verder groeien, denk ik.’