Mathieu van der Poel leek zijn favorietenrol waar te maken. De Nederlander was één van de weinige grote namen die op dik dertig kilometer van het einde de daad bij het woord voegde en aanviel. Hij zat in winnende positie in een kopgroep van vijf, maar toen... 'Toen was het op'.
Mads Pedersen was uiteindelijk de verrassende winnaar uit de kopgroep. Nadat Gianni Moscon ook was gelost, gingen de Deen,
Matteo Trentin en Stefan Küng samen naar de meet. Heel de wereld keek naar Trentin, op papier de rapste man. Maar na een onmenselijk zware koers was het krachtpatser Pedersen die de beste benen had.
Wie dit podium vooraf had opgeschreven, was voor gek verklaard. Want naast Van der Poel waren er nog zo'n vijf á zes topfavorieten. Ze gaven allemaal niet thuis. De Belgen hadden daarbij pech dat Philippe Gilbert na een crash uitviel, de andere kopmannen misten de benen. Alejandro Valverde stapte af en Julian Alaphilippe haalde op het tandvlees de finish. Peter Sagan was wél in orde, maar las de race compleet verkeerd.
Onder de streep was dit één van de zwaarste wedstrijden van deze eeuw. Dat blijkt alleen al uit de uitslag, waar slechts 46 renners de finish haalden. Petr Vakoc kwam als laatste binnen, op 19.25 minuten van winnaar Pedersen. Van der Poel reed ook uit en werd 43e op 10.52 minuten. Met Niki Terpstra (op plek 20 de beste Nederlander), Mike Teunissen en Van der Poel haalden slechts drie Nederlanders de meet.